“Er is teveel, te weinig of te vies water in de wereld”

augustus 31, 2009

Door Alida Pham van UNESCO-IHE Instituut voor Water Educatie

In grote delen van de wereld heerst nog altijd een groot tekort aan schoon drinkwater. Klimaatveranderingen en economische terugval in de wereld zullen grote druk blijven uitoefenen op dit tekort. Een nog grotere druk vormt de enorme bevolkingsgroei en het daarbij stijgende waterverbruik. Met name in de landbouw – met 80 procent de grootste afnemer van zoetwater – zal dit een kritisch aandachtspunt zijn. Het aantal landen dat niet over genoeg water beschikt om voedsel te produceren stijgt snel.

Deze situatie kan grotendeels worden tegengegaan door te investeren in waterinfrastructuur en het ontwikkelen van innovatieve landbouw- en irrigatietechnologieën en andere vernieuwingen op het gebied van duurzame landbouwoplossingen.

081 sinha_water-1

“Er is teveel, te weinig of te vies water in de wereld,” zegt Joop de Schutter, Vice Directeur bij UNESCO-IHE Instituut voor Water Educatie. Hij legt uit: “Mensen hebben te kampen met overstromingen, grote droogten, of watervervuiling. Het is belangrijk om zeker te stellen dat er voor iedereen altijd genoeg en schoon water is. Er is voldoende water in de wereld, maar het probleem is dat dit inefficiënt wordt beheerd. Ook zijn er onvoldoende mensen met toegang to sanitaire voorzieningen. De mensen die hier het meest onder lijden zijn de mensen in de armste landen van de wereld.”

Gebrek aan kennis en informatie
Volgens het World Water Development Report van de Verenigde Naties is een van de grootste problemen het gebrek aan kennis en informatie die nodig is om duurzaam beleid te vormen en adequate lange-termijn plannen te kunnen maken.

Weinig landen hebben voldoende data om aan te tonen hoeveel water in hun land wordt gebruikt en voor welke doeleinden. Ook is vaak niet bekend hoeveel water er is en wat daarvan de kwaliteit is. Deze informatie is essentieel om bijvoorbeeld vast te kunnen stellen hoeveel water er uit de grond kan worden onttrokken zonder ernstige milieuschade te veroorzaken.

Wateronderwijs
Daarnaast is het belangrijk dat er wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling en het versterken van menselijke kennis en vaardigheden in voornamelijk ontwikkelingslanden. Wateronderwijs is van groot belang om de Millennium Doelstellingen te behalen aldus het UNESCO rapport ‘Towards Strategies with Impact in Water Education’.

Het rapport, aanbevelingen van een vijftigtal water experts, stelt vast dat er veel materialen beschikbaar zijn voor onderwijs over waterproblematiek, maar dat het vaak geen passende oplossing biedt en ook weinig aansluit op de specifieke behoeften in de diverse landen.

Ontoereikend
Een aantal van de beschikbare materialen bleken erg gedateerd, bevooroordeeld of irrelevante informatie en daardoor ontoereikende instructiemiddelen te zijn.

Er is bijvoorbeeld een groot gebrek aan continuïteit tussen de verschillende niveaus binnen water educatie en een tekort aan algehele integratie met het bestaande curriculum en de lokale kennis. Ook is er een gebrek aan relevantie voor lokale en maatschappelijke behoeften, zijn er onvoldoende goede hulpmiddelen en is er slechte aansluiting met beschikbare lokale professionele organisaties.

Hoger onderwijs
Daarom is het van essentieel belang dat er aandacht wordt gevestigd op het opleiden van water professionals in het hoger onderwijs, naast de inspanningen in het lager onderwijs en op beroepsniveau om waterproblematiek onder de aandacht te brengen, mensen te informeren en voor te lichten.

“Investeringen die worden gedaan in de watersector zijn over het algemeen in hele complexe en dure infrastructuur. Er zijn goed opgeleide mensen nodig om deze investeringen goed tot hun recht te laten komen,” vertelt De Schutter. “Wanneer het ontbreekt aan kennis en vermogen om deze infrastructuur te gebruiken en te onderhouden is het weggegooid geld.”

Meer informatie over UNESCO-IHE
Het UNESCO-IHE Instituut voor Water Educatie in Delft is een kennis- en opleidingcentrum voor water. Het instituut richt zich op de overdracht van kennis en ervaring via academisch onderwijs en training. Het is een uniek instituut binnen het VN systeem omdat het als enige gevolmachtigd is geaccrediteerde Master- en PhD-opleidingen te verzorgen.

Daarnaast is UNESCO-IHE bekend om haar rol in Research & Development en advisering gericht op het versterken van institutionele en menselijke capaciteiten in voornamelijk ontwikkelingslanden. Sinds 1957 heeft het instituut een wereldwijd netwerk opgebouwd van ruim 14.500 alumni in meer dan 162 landen. In Delft verzorgt UNESCO-IHE Masters- en PhD-opleidingen voor professionals uit ontwikkelingslanden.

UNESCO-IHE verzorgt ook maatwerktrainingen in Delft of in de landen van herkomst van de professionals, afhankelijk van hun behoeften en specifieke vragen. UNESCO-IHE werkt in alliantie met kennisorganisaties over de hele wereld.

Alida Pham is communicatieadviseur bij UNESCO-IHE Instituut voor Water Educatie

Voor meer informatie:
M: +31 (0)6 – 12 974 079
T:  +31 (0)15 – 21 51 722
F:  +31 (0)15 – 21 22 921
E:  a.pham@unesco-ihe.org
I:   www.unesco-ihe.org
B:  www.unescoiheblog.com


E-learning over watermanagement in Zeeland

augustus 31, 2009

Door Jouke Heringa van Hogeschool Zeeland

Op de Hogeschool Zeeland wordt al meer dan vijftien jaar de unieke vierjarige opleiding Aquatische Ecotechnologie aangeboden.  In de loop der jaren zijn al honderden studenten afgeleverd die watersystemen op een duurzame wijze leren beheren en globale waterproblemen het hoofd kunnen bieden. De afgelopen periode heeft Hogeschool Zeeland, samen met de Open Universiteit en de Provincie Zeeland, een viertal multimediale watermanagement casussen ontwikkeld. Het unieke van deze casussen is dat studenten, via het serious gaming principe, in een levensechte omgeving watervraagstukken in de Deltaregio moeten oplossen. De vier casussen richten zich allemaal op duurzame oplossingen voor waterproblemen in de Deltaregio. Zo wordt in de casus ‘Building with Nature: Volkerak Zoommeer’ het besluitvormingsproces om van de blauwalgen in het Volkerak Zoommeer af te komen gereconstrueerd. De student is in deze reconstructie projectleider en leert vanuit dat perspectief hoe het beslissingsproces in z’n werk gaat.

mosselen (3)

Volkerak Zoommeer
Het Volkerak Zoommeer – van oorsprong zoutgetijde gebied – is door de dammen van de Deltawerken verzoet tot een voedselrijk zoetwatermeer waarin blauwalgen gedurende bepaalde perioden welig tieren. Deze giftige blauwalgen zorgen voor grote problemen: stank, een zwemverbod en het water van het meer kan niet voor langer voor irrigatie van de landbouwgewassen gebruikt worden. Aan de hand van een aantal recente studies worden verschillende scenario’s om dit probleem te verhelpen doorgelicht. Enkele van deze scenario’s stellen voor het gebied wederom toegankelijk te maken voor zout water.

In de casus ‘Aquaculture: Volkerak Zoommeer’ is het aan de student om een zilt Volkerak Zoommeer gedeeltelijk in te richten als een ‘schelpdierproductiegebied’. De student speelt in deze casus de rol van projectleider bij een internationaal consultancybureau en voor deze opdracht wordt hij of zij speciaal naar Nederland ingevlogen. Gedurende het verloop van de casus kan de student zich meer specialiseren in de hierbij gepaard gaande beleidsmatige aspecten of zich meer bezig houden met een natuurwetenschappelijke insteek. Zo zal de student (alleen of in samenwerking met andere studenten) met allerlei verschillende aspecten van aquacultuur zoals teelttechniek, beleid, wet- en regelgeving, voedselveiligheid, biologische en economische aspecten te maken krijgen.

Waar en voor wie?
De multimediale casussen zullen worden ingezet bij tweede- en vierdejaars cursussen van de opleiding Aquatische Ecotechnologie en zijn bestemd voor zowel nationale als internationale studenten. Daarnaast zullen de casussen een plaats gaan krijgen in de tweejarige Masteropleiding Deltawater management van de Hogeschool Zeeland en in het programma van de Open Universiteit. De inhoud en opzet van de casussen zijn ontwikkeld in nauwe samenwerking met vertegenwoordigers uit het beroepenveld en relevante kennisinstellingen.

Drs. Jouke Heringa is docent bij de opleiding Aquatische Ecotechnologie (waterbeheer) en Coordinator research programme maricultures


Hogeschool Zeeland opent Delta Academy

augustus 28, 2009

Door Yvette Hamerling van Hogeschool Zeeland

Veel delta’s op aarde hebben zich in de loop van de geschiedenis ontwikkeld tot belangrijke centra waar de bevolking, handel en productie zich concentreren. Het in stand houden van deze deltagebieden vraagt nationaal en internationaal steeds meer aandacht door, onder andere de effecten van klimaatveranderingen. Het bedrijfsleven geeft aan meer hoogwaardig opgeleide medewerkers nodig te hebben die duurzame en betaalbare oplossingen kunnen bedenken en realiseren. Om daaraan te voldoen heeft Hogeschool Zeeland een nieuwe academie opgericht: de Delta Academy. In september 2009 starten de eerste studenten aan hun opleiding en op 18 november 2009 vindt de officiële opening plaats.

Foto Yvette Harmeling

Vraag vanuit watersector
Ondanks de economische crisis zullen tekorten op de arbeidsmarkt volgens Dutch Delta Design 2012 (DDD 2012) in de deltasector tot 2012 oplopen tot 16.000 vacatures. Voor Watertechnologie is in 2007 becijferd dat het tekort in 2012 is opgelopen tot bijna 8.000 medewerkers (op 46.000 arbeidsplaatsen!), op alle onderwijsniveaus. De cijfers voor Deltatechnologie worden in het derde kwartaal van 2009 verwacht. Daar wordt een vergelijkbaar tekort verwacht.

Om het aantal opgeleiden in de watersector te laten groeien en het kennisniveau op een hoger peil te brengen, is een moderne kennisvoorziening als de Delta Academy hard nodig. De Delta Academy wil de deltawerker van de toekomst opleiden. Belangrijkste doelstelling is het opleiden van een groeiend aantal studenten dat na het behalen van hun diploma kan inspelen op de huidige behoeften in de wereld van waterbouw en deltamanagement.

Delta Academy
De Delta Academy is dé instelling van Nederland voor de deltawerker van de toekomst die zich richt op – duurzame – inrichting, beheer en benutting van de delta. Hierbij komen technologie, biologie en/of bestuurlijke vraagstukken samen in de opleidingen.

De inhoud van de opleidingen en trainingen van de Delta Academy wordt sterk bepaald door de vraag vanuit de bedrijven en de overheidsorganisaties. Er wordt actief ingezet op het toegankelijk maken van de nieuwste kennis. Het inzetten van de laatst ontwikkelde kennis vraagt een ontsluiting en transformatie van onderzoeksresultaten naar onderwijsmodules en – cursussen.

Er ligt veel kennis opgeslagen bij grote kennisinstellingen, binnen bedrijven, researchgroepen en universiteiten. De nieuwste kennis wordt ook verspreid door een bijscholingsprogramma voor docenten. Tevens worden medewerkers van bedrijven in de deltatechnologie bijgeschoold met de nieuwste kennis en opgeleid met een brede blik (zij leren over de grenzen van hun vakgebied heen te kijken); dit kan zowel via een complete (deeltijd)opleiding als via losse modules.

De Delta Academy wordt ontwikkeld om niet alleen méér personeel, maar ook hoogwaardiger personeel op te leiden en de doorstroom van kennis te organiseren.

Foto 2 Yvette Harmeling

Opleidingen
Delta Academy start met twee reeds bestaande opleidingen: Aquatische Ecotechnologie (watermamagent) en Civiele Techniek (weg- en waterbouw). Beide opleidingen zijn, volgens de Keuzegids Hoger Onderwijs, al jaren de beste opleidingen in hun soort. Onder voorbehoud van accreditatie start de Delta Academy in september 2009 met een derde opleiding waarin gebiedsontwikkeling centraal staat.

Pijlers
De Delta Academy richt haar opleidingen uniek in op basis van vier centraal gestelde pijlers:

1. Leer-werktraject: duaal onderwijs

Vanaf het derde studiejaar is het mogelijk om duaal te studeren. De derdejaars student krijgt de gelegenheid om de laatste anderhalf of twee jaar van zijn studie duaal uit te voeren bij één van de bedrijven die participeren in het duale traject. Op dit moment wordt er samengewerkt met:

- Rijkswaterstaat Zeeland;
- Waterschap Zeeuwse Eilanden;
- Grontmij Middelburg;
- Royal Haskoning Goes;
- Er zal nog een aannemer aanschuiven; onderhandelingen lopen nog.

In de loop van dit schooljaar zullen meer organisaties aansluiten.

2. Internationale oriëntatie en context
Binnen de Delta Academy komen kansen en problemen uit nationale en internationale delta’s aan bod. Er wordt samengewerkt met het internationale beroepenveld, buitenlandse overheden, universiteiten en kennisinstellingen. Er zijn afspraken over studenten- en docentenuitwisseling met universiteiten in verschillende delta’s in de wereld.

3.  Aansluiting bij werkveld
Binnen het onderwijs wordt 25% van de lessen in de eerste twee studiejaren verzorgd door docenten uit het werkveld, zowel vanuit het bedrijfsleven als vanuit overheidsorganisaties.

4.  Interdisciplinair
Om technici met een brede blik op te leiden, wordt 25% van het onderwijs interdisciplinair geprogrammeerd. Dit betekent dat studenten binnen een aantal projecten zullen samenwerken met studenten van andere opleidingen, zoals Communicatie of een opleiding uit de Academie voor Economie.

CT - ArjanFrans

Dutch Delta Academy
De Delta Academy van Hogeschool Zeeland maakt deel uit van de Dutch Delta Academy: een kennisinfrastructuur voor het hoger beroepsonderwijs gericht op voortdurende vernieuwing van het onderwijs en de deltatechnologie in brede zin: delta-engineering, -design en –management. Hierin werkt Hogeschool Zeeland samen met Hogeschool Rotterdam, Hogeschool Van Hall Larenstein en diverse bedrijven en (semi)overheidsinstellingen.

Dutch Delta Academy bevordert hoogwaardig aantrekkelijk onderwijs voor zowel initiële studenten als werknemers in de watersector, gericht op grotere instroom in en uitstroom uit het hoger beroepsonderwijs voor de deltasector.

Voor meer informatie:


Multidisciplinaire Minor Water Service Management in Leeuwarden

augustus 28, 2009

Door Petra Esser & Siemen Veenstra van Noordelijke Hogeschool Leeuwarden

In September 2009 gaat bij de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden de eerste internationale Minor Water Services Management (WSM) van start. De minor is bedoeld voor HBO-studenten en professionals uit de watersector. Het programma is zeer praktijkgericht en is vastgesteld in nauwe samenwerking met het waterbedrijf Vitens en de lector Water Services Management Siemen Veenstra. Duurzaamheid is een belangrijk issue, naast het bijdragen aan de Millennium Development Goals op het gebied van water en sanitatie.

IMG_2059Multidisciplinair
Het doel van de minor is om studenten een multidisciplinaire aanpak bij te brengen om managementproblemen in de watersector aan te pakken (Capacity Building). De studenten zijn afkomstig uit diverse landen (China, Nederland, Ghana, Mozambique). Hierdoor zal de wereldwijde watervoorziening toenemen, door een verbeterde aanpak van de uitvoering en management van water en sanitatiebedrijven in die landen.

Bedrijfsmatige aanpak
De minor Water Services Management is ontworpen om studenten en professionals uit de praktijk te onderwijzen, trainen en kennis te laten maken met een gezonde bedrijfsmatige aanpak. Er wordt gewerkt aan competenties op het gebied van het draaiende houden en managen van een publieke voorziening die water- en sanitatie-diensten levert een haar klanten. Het doel is om participanten beter in staat te stellen om de planning en aansturing van gemeentelijke water en sanitatie voorzieningen in ontwikkelingslanden uit te voeren.

plaatje jemen

Programma
Het programma bestaat uit een oriëntatie van twee weken, waarin men uitgebreid kennismaakt met de praktijk van de watersector door excursies en gastcolleges. Daarna volgt een intensief programma waarin de verschillende bedrijfsdisciplines aan bod komen: strategie en beleid, corporate governance, proces- en project-management, technologie, human resources management en financial en resources management. Er wordt gewerkt in workshops, met praktijksimulaties en groepsopdrachten. In de laatste zes weken werken de studenten aan het oplossen van een praktijkprobleem in de watersector. Dit wordt afgesloten met een verslag en een presentatie. Tenslotte wordt na het behalen van een final assessment een certificaat uitgereikt.

Petra Esser is docent Public Management/Watermanagement  aan Noordelijke Hogeschool Leeuwarden

Siemen Veenstra is project directeur bij Vitens Evides International en lector Water Services Management aan de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden



TTIW Wetsus integreerd water in Fries onderwijs

augustus 28, 2009

Door Nelleke van Dorenmalen van TTIW Wetsus

Instroom en ontwikkeling van gespecialiseerde mensen zijn voor de continuïteit van het onderzoek naar en de ontwikkeling van innovatieve technologieën een basisvoorwaarde. Het Technologisch Top Instituut Watertechnologie Wetsus (TTIW Wetsus) onderkent dit feit en probeert de ‘braindrain’, die het Noorden lange tijd heeft gekend, te doorbreken en om te buigen tot een ‘braingain’. Kennisintensieve werkgelegenheid binnen onderzoek en bedrijvigheid is noodzakelijk om Friesland tot een kenniseconomie te ontwikkelen. Friesland heeft gekozen voor het thema watertechnologie en wil zich hierin sterk maken. De realisatie van deze ambitie is alleen mogelijk met voldoende jonge kenniswerkers. Een vroegtijdige binding met het onderwerp water is hierbij cruciaal. Het te voeren beleid van Wetsus is het beste als volgt samen te vatten: “Introduceer water in het basisonderwijs, blijf voeden in het voortgezet onderwijs en biedt mogelijkheden tot specialisatie in het hoger onderwijs”.

IMG_5513Wetsus
Wetsus is landelijke trekker van een aantal actielijnen uit het Human Capital Water programma. In samenwerking met andere partijen coördineert en werkt Wetsus samen in activiteiten voor het basis- en voortgezet onderwijs, hoger-  en weten­schap­pelijk onderwijs.

De activiteiten voor het basis- en voortgezet onderwijs vinden in het Noorden plaats onder de noemer Inner Circle Noord. Partijen in de watersector werken actief samen binnen deze inner circles. Het Wetsus netwerk van kennisinstellingen en bedrijven biedt hiertoe direct aanknopingspunten. In de regio Friesland zorgen de activiteiten voor een extra impuls binnen het basis- en voortgezet onderwijs om een “leerlijn water” te ontwikkelen. Een dergelijke leerlijn is pas zichtbaar als actoren in het onderwijs water een vaste plek geven in hun curricula. Het ligt in de bedoeling om de opgepakte activiteiten binnen de Inner Circle Noord uit te rollen en als voorbeeld te stellen voor andere regio’s in Nederland.

Basisonderwijs
Een succes binnen het basisonderwijs (groep zeven en acht) van Friesland is de Wetsus driedaagse: een interactief lesprogramma. Het klaslokaal krijgt de uitstraling van een waterlaboratorium tijdens een introductieles op school. De leerlingen gaan onder leiding van een door Wetsus aangestelde docent zelf aan de slag met diverse waterexperimenten. Deze introductieles krijgt een vervolg bij een bedrijf dat kennis van de watertechnologie toepast in de praktijk. Ook hier verrichten de leerling allerlei proeven en krijgen zij een rondleiding. Het laatste onderdeel is bedoeld om alle indrukken te verwerken en om de leerlingen kennis te laten maken met de laatste technologische ontwikkelingen in de watersector.

JetNet Career Day 2008 (8)

Voortgezet onderwijs
Voor het voortgezet onderwijs heeft Wetsus samen met docenten lesmateriaal ontwikkeld voor 3 HAVO en 3 VWO. Het is belangrijk om scholieren in dit jaar voor te lichten over de mogelijkheden binnen de watersector met een bètaprofiel (natuur en techniek en natuur en gezondheid). Daarnaast ontwikkelt Wetsus in samenwerking met universiteiten en hogescholen modulen voor vakken binnen de bètaprofielen van klas 4/5 HAVO en 5/6 VWO. Een voorbeeld hiervan is de bijna gecertificeerde Blue Energy module voor het vak Natuur, leven en Technologie.

IMG_6224

Hoger onderwijs
Scholieren die na het voortgezet onderwijs kiezen voor een universitaire of HBO bachelor opleiding chemische technologie, milieutechnologie of biotechnologie kunnen sinds kort  doorstromen naar een gespecialiseerd MSc programma in de watertechnologie in Leeuwarden. Drie Nederlandse universiteiten zijn in september 2008 gestart met dit uniek wetenschappelijk programma. Zij erkennen dat het aantal wetenschappelijke onderzoekers binnen de water(proces)technologie relatief laag is. Samen met Wetsus hebben zij het initiatief genomen om het aantal hoog opgeleide watertechnologen daadwerkelijk te vergroten. De afgestudeerde watertechnologen zullen hun bijdrage gaan leveren aan de ontwikkeling en de wereldwijde toepassing van nieuwe watertechnologieën.

Voor de realisatie van een gesloten leerlijn water binnen het hoger onderwijs hecht Wetsus veel belang aan de ontwikkeling van een bachelor opleiding Watertechnologie in Leeuwarden, die aansluit op het MSc programma.

Voor meer informatie: www.wetsus.nl


Integrale Leerlijn Water vergroot instroom watersector

augustus 28, 2009

Door Jeroen Jonkman, DHO

Afgelopen schooljaar heeft in de provincie Friesland een pilot Leerlijn Water plaatsgevonden waarbij basisscholen, middelbare scholen, MBO’s, HBO’s en Technologisch Topinstituut Watertechnologie Wetsus betrokken waren. Een uniek project waaraan alle onderwijsniveaus uit de onderwijskolom, van basisonderwijs tot universiteit, deelnamen. Hoewel de Leerlijn Water in Friesland nog in het evaluatiestadium verkeert is het volgens Renée Vergouwe, programmamanager van Human Capital Water, duidelijk dat een dergelijke leerlijn een belangrijke rol kan spelen voor het vergroten van de instroom van nieuwe medewerkers in de watersector. “De wereld van water heeft jongeren heel wat te bieden”, zegt Vergouwe. “We moeten het alleen beter laten zien!”

Excursie Basisschool Sneek

Gezamenlijk belang
Human Capital Water is een gezamenlijk programma van organisaties uit de watersector en is gericht op het inspireren van jongeren om te kiezen voor een watergerelateerde opleiding en een carrière in de watersector. Het versterken van de samenwerking met onderwijsinstellingen speelt daarin een cruciale rol. Vergouwe is werkzaam voor het Netherlands Water Partnership, een netwerkorganisatie voor de watersector dat het Human Capital Water programma coördineert. Vanuit die hoedanigheid kwam Vergouwe in contact met Olivier Bello van Duurzaam Hoger Onderwijs  (DHO), die een verbindende rol speelt bij het ontwikkelen van een integrale leerlijn Water. Vergouwe: “Olivier Bello kwam ik tegen op een netwerkbijeenkomst in 2007 waar hij vertelde over de leerlijn water. Het was meteen duidelijk dat zo’n leerlijn precies past bij het doel dat Human Capital Water voor ogen heeft. Een Leerlijn zorgt ervoor dat aandacht voor water een structureel onderdeel wordt van de onderwijsloopbaan van een scholier. Die structurele aandacht wakkert belangstelling voor water aan, bevordert de instroom in watergerelateerde vervolgopleidingen en daarmee uiteindelijk instroom in de watersector”.

Projectmanager HCW, Renée Vergouwe

Projectmanager HCW, Renée Vergouwe

(On)bekend maakt (on)bemind
Het verhaal is inmiddels duidelijk: in een land dat voor een deel onder zeeniveau ligt zullen de gevolgen van klimaatverandering iedereen raken. Om ervoor te zorgen dat ook volgende generaties kunnen genieten van Nederland als veilig waterland hebben we voldoende waterprofessionals nodig. Ook wereldwijd liggen er kansen voor de watersector. Voor de export, maar ook om bij te dragen aan oplossingen voor de wereldwaterproblematiek. Kortom, de watersector heeft nu en in de toekomst voldoende goed opgeleide mensen nodig. Echter, te weinig jongeren kiezen nu voor een watergerelateerde opleiding.

Een  belangrijke redenen voor dit probleem, zo wordt breed onderkend, is een matige bekendheid bij jongeren over de veelzijdigheid van de waterwereld. Volgens Human Capital Water kan een leerlijn water ook een rol spelen om die bekendheid te vergroten. Vergouwe hierover: “De watersector is enorm veelzijdig en spannend, maar het probleem is dat jongeren dit niet weten. Dat komt onder andere doordat waterprofessionals over het algemeen nogal bescheiden zijn, ze lopen niet zo te koop met hun werk.

Een leerlijn water biedt een uitgelezen kans om de onbekendheid en de onbetrokkenheid te veranderen. Met een leerlijn kunnen veel meer manieren gecreëerd worden waardoor scholieren herhaaldelijk in aanraking komen met het echte werk. Dit kan bijvoorbeeld een presentatie zijn van een professional, maar ook een excursie, een werkstuk of een stage. Een goed voorbeeld is de Stockholm Junior Water Prize. Dat is een junior variant van de Stockholm Water Prize, een prestigieuze prijs die elk jaar wordt uitgereikt aan een excellente wetenschappelijke bijdrage op het gebied van water. Nederland doet dit jaar voor de tweede achtereenvolgende keer mee aan die juniorprijs. Drie Nederlandse scholieren zijn geselecteerd om in Zweden hun project te presenteren, nadat ze in Nederland de wedstrijd Knappe Waterhoofden 2009 hadden gewonnen. Dat soort evenementen zet water bij jongeren op de kaart”.

Regionale focus
Het is heel belangrijk dat activiteiten om jongeren in contact te brengen met de wereld van water regionaal worden georganiseerd. Dat is ondermeer van belang, zegt Vergouwe, omdat mensen tot aan HBO niveau over het algemeen genomen niet verhuizen voor werk of opleiding. “Het betekent dat het gros van je toekomstige werknemers dus al bij jou in de regio woont. Die wil je interesseren voor de waterwereld. Het is veel effectiever om voorlichtingsactiviteiten regionaal van de grond te tillen, zoals nu in Friesland gebeurt met de leerlijn water. Dan kunnen bedrijven, overheden, onderwijsinstellingen en maatschappelijke organisaties uit de regio er beter bij betrokken worden en hebben zij ook de gelegenheid zich bij de jongeren in de kijker te spelen.”

Samenwerken
Vanuit Human Capital Water biedt Vergouwe ondersteuning door bijvoorbeeld interregionale samenwerking te propageren. “Regionale aanpak is heel belangrijk, maar laten we wel van elkaars ervaringen en successen leren, en voorkomen dat iedereen opnieuw het wiel moet gaan uitvinden. Als er in de ene regio al ervaring is opgedaan met het ontwikkelen van initiatieven die succes hebben, kunnen ze daar in andere regio’s van profiteren. Die initiatieven zetten we graag in de etalage. Samenwerken blijft het belangrijkste.”

Voor meer informatie: Renée Vergouwe Netherland Water Partnership (programmamanager Human Capital Water): r.vergouwe@nwp.nl, 070 304 3715


‘Haagse Hogeschool leert studenten over dijken te kijken’

augustus 28, 2009

Door Godelieve Kodde van Haagse Hogeschool

Leven met Water is een propedeuseblok van de opleiding Climate & Environment van de Haagse Hogeschool. In de opleiding staat centraal wat klimaat betekent voor de verschillende thema’s die met bouwen en wonen te maken hebben. Leven met Water leert studenten hoe actuele waterproblemen in elkaar zitten en ze leren oplossingen te formuleren, zegt vormgever van het blok, Peter Blonk. “Onze studenten leren over dijken heen te kijken en zien hierdoor nieuwe mogelijkheden,  ze worden een schakel en zien de kansen die water hen biedt.”

Water als sturende factor
Water is een sturende factor geworden in beleid en wetgeving. In het verleden stuurde de functie van een gebied het waterbeheer, maar dat is nu omgedraaid: water stuurt het functiebeheer. Als een boer vroeger bijvoorbeeld wilde ploegen, was het de verantwoordelijkheid van de waterschappen om ervoor te zorgen dat de grondwaterstand onder het maaiveld stond. Nu is het zo dat de boer niet mag ploegen als de grondwaterstand boven het maaiveld staat.

DSC02034

Water de ruimte geven
Wegpompen van grondwater veroorzaakt inklinking van de bodem en dat is een probleem in Nederland. Door klimaatverandering worden droge periodes droger en de natte periodes natter. Nederland is een delta en daardoor komt de afwatering vanuit een groot deel van Europa hier samen en bij veel wateraanbod functioneert het systeem van bestaande dijken echter niet meer. Dijken kunnen niet altijd worden opgehoogd en daarom zijn andere technieken noodzakelijk. Eén van deze technieken is om water de ruimte te geven.

“Over de dijken heen kijken! Dat is wat de studenten Climate & Environment moeten leren.”

Tot de dijk en verder
In het blok Leven met Water leren studenten hoe deze problematiek in elkaar zit en ze leren oplossingen te formuleren. Een integrale aanpak is hiervoor noodzakelijk stelt Peter Blonk, vormgever van het blok. “Kort door de bocht gezegd gaat het in de praktijk vaak zo dat de civiel technicus de dijk bouwt en er niet overheen kijkt. De planoloog plant tot aan de dijken en kijkt er ook niet overheen. Onze studenten leren over dijken heen te kijken en zien hierdoor nieuwe mogelijkheden,  ze worden een schakel en zien de kansen die water hen biedt.”

DSC02049

Experimenteren Met Aangepast Bouwen
Studenten volgen tijdens het blok colleges civiele techniek, fysische geografie en bestuur, overheid en wetgeving. Daarnaast organiseert Blonk veel gastcolleges waarin praktijkvoorbeelden centraal staan. Studenten maken zodoende kennis met uiteenlopende projecten waarmee geëxperimenteerd wordt met aangepast bouwen.Een voorbeeld van zo’n  project is Waalweelde.  Naast deze colleges werken studenten aan opdrachten, waardoor ze de opgedane kennis verwerken.

Het WaalWeelde-gebied beslaat het buitendijkse gebied van de Waal vanaf de Duitse grens tot de grens met Zuid-Holland en is een project van alle betrokkenen in het gebied. Zowel De Waal en haar oevers veiliger én mooier maken en economische ontwikkelingen in het gebied stimuleren. Dat zijn de doelstellingen van het project. Inwoners en belangenorganisaties, ambtenaren en wethouders, bedrijven en de overheid maken samen één ontwerp voor het buitendijkse gebied van de Waal in Gelderland, van de Duitse grens tot Loevestein. WaalWeelde is een samenwerking van alle vijftien gemeenten aan de Waal en Boven-Rijn, het waterschap Rivierenland en de provincie Gelderland. Ook de Dienst Landelijk Gebied (DLG), Rijkswaterstaat en de ministeries van Verkeer en Waterstaat, VROM en LNV doen mee.  bron:www.waalweelde.nl

P8310047

Praktijkgerelateerd
In eerste instantie zijn de opdrachten algemeen en inleidend: studenten onderzoeken hoe de waterkringloop in elkaar zit, maken een overzicht van de ontstaansgeschiedenis van Nederland en zoeken uit hoe Nederland omgaat met het risico van wateroverlast. Na een aantal weken echter wordt het accent verlegd naar het beleid en komt de Planologische Kernbeslissing Ruimte voor de Rivier in het vizier. Uiteindelijk werken de studenten toe naar een overzicht van de mogelijkheden en toepassingen van de EMAB-locaties. (Experimenteren Met Aangepast Bouwen). Dit overzicht is interessant voor innovatief bouwend Nederland. Blonk: “We hopen dat de studenten in staat zijn om nieuwe impulsen te geven aan ‘klimaatdenken’. Hun frisse blik werkt daarbij in hun voordeel.”

Godelieve Kodde is docent van de opleiding Climate & Environment aan de Haagse Hogeschool

Klik hier voor meer informatie


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.