Cradle to Cradle is een filosofie waar John volledig achterstaat. John: “Het doel is om in de samenleving een proces in gang te zetten waarbij ‘integrale duurzaamheid’ tussen de oren van de mens zit.” Een definitie van integrale duurzaamheid geeft hij ook: “Dat is de ontwikkeling naar de fase waarin we ons bewust zijn dat de volgende generaties dezelfde toegang tot voorzieningen en brandstoffen moeten hebben als wij. Als we ons daar nu continu bewust van zijn dan bouwen we dat automatisch in in ons handelen. Denk aan autorijden: het begint ermee dat je je afvraagt of het nodig is om in de auto te stappen. Maar als je dan in de auto zit, je ook realiseert dat je beter niet te hard kan rijden; hierdoor verbruik je minder benzine en dus minder grondstoffen.”
C2C is dus een van een tools die leiden tot die integrale duurzaamheid? John: “Jazeker, en ook een van de meest elegante tools, om twee belangrijke redenen. Ten eerste merk je dat C2C een heel groot draagvlak kent: zowel het bedrijfsleven, de overheid, het onderwijs en heel belangrijk: de jongeren, omarmen het concept. Dat komt omdat het vrij gemakkelijk uit te leggen valt en dat mensen het gevoel krijgen er zelf mee aan de slag te kunnen. Ten tweede is dat binnen deze filosofie de mens en zijn gezondheid en welbevinden centraal staan. En dit gebeurt naar mijn idee nog echt te weinig. Zo heb ik meteen gereageerd op de ideeën van De Wijk van Morgen (een ambitieus project van Hogeschool Zuyd, waarin studenten en bedrijfsleven samen werken aan de realisatie van een duurzame wijk op het science- en businesspark Avantis in Heerlen.
Een belangrijk uitgangspunt in het project is het sluiten van kringlopen als energie, materialen en water. Lees meer over De Wijk van Morgen Red.). Op basis van de laatste ideeën zal een van de huizen in de wijk van morgen volgens de uitgangspunten van Cradle to Cradle worden gebouwd.
Wat doe je momenteel op gebied van C2C? Enthousiast vertelt John:“ We zijn zojuist gestart aan de eerste C2C cursus voor professionals. Het interessante hieraan is dat C2C vrij gemakkelijk te volgen is; je hoeft geen specialist te zijn om ermee te kunnen werken. De bedoeling is uiteraard dan ook dat de cursisten er daarna zelf mee aan de slag gaan. Want dat is ook een aantrekkelijke kant aan C2C: het is een tool waarbinnen je stap voor stap naar een einddoelstelling gaat. Dat maakt het voor mensen te overzien en dus beginnen ze er sneller mee. De cursus is bedoeld voor professionals met een basiskennis van C2C; 60% daarvan komt uit het bedrijfsleven, de rest uit overheids- en onderwijsinstellingen. Er komen van allerlei topics aan bod, van het Ontwerpen van Duurzame Producten, Het ontwerpen van duurzame, gezonde gebouwen tot aan een avond met van Gansewinkel over Van afvalinzamelaar naar grondstoffen- en energieleverancier.
U bent enthousiast, is iedereen dat? John: “Helaas omarmt nog niet iedereen klakkeloos het concept en de redenen zijn niet lastig te benoemen: Sommige bedrijven willen nu eenmaal vaak de goedkoopste oplossing, ze willen een korte terugverdienperiode en geen grote diepte-investeringen doen. En dit past niet binnen de C2C filosofie, waar we juist praten over resultaten over lange termijn.”
C2C is belangrijk en de jongeren omarmen het, dan is het zeker ook belangrijk dat het al in het onderwijs wordt ingebracht? “Zeker! Toen we begonnen met de cursus riepen heel veel studenten dat ze dit ook wilden. Ik ben toen meteen gaan lobbyen en inmiddels is het idee gerijpt om een C2C team op te tuigen met vanuit ieder van de drie technische faculteiten één medewerker die gezamenlijk een minor gaan ontwikkelen. Ik vind het zeer belangrijk om C2C in het reguliere onderwijs te laten indalen, zodat integrale duurzaamheid ook echt tussen de oren van de mens komt te zitten. En daar wil ik me de komende tijd voor inzetten”, sluit John ons gesprek af.

Geplaatst door duurzaamhogeronderwijs