Onderzoeksprogrammering HAN focust op Milieu, Energie en Water

september 15, 2009

Door Jeroen Jonkman

Onlangs heeft het College van Bestuur van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) een bijzondere onderzoeksfocus gelegd op het thema Milieu, Energie en Water. Deze lijn is verkozen uit een totaal van acht potentiële primaire programma’s en zal aankomende jaren binnen diverse faculteiten een belangrijk thema worden. Medewerker bij de faculteit techniek Dr. ir. Anton van Bakel, die samen met Tinus Hammink (programma directeur Strategische Verbindingen) en René Tönissen (Directeur Instituut Built Environment) het thema heeft vormgegeven, vertelt over de ambitie om het nu verder te ontwikkelen. “Concreet is het voorstel dat nu gestart gaat worden met het vormgeven van een gezamenlijke profilering rond het thema milieu, energie en water door de HAN, bedrijven, overheden, maatschappelijke organisaties en andere onderwijsinstellingen. Parallel daaraan loopt het voornemen om één of meerdere minoren rond deze thema’s te lanceren binnen de brede bachelor ‘Techniek en Samenleving’.” Maar dat is nog maar het begin. Een profilering van de HAN als instituut dat iets bijzonders teweeg kan brengen op het gebied van milieu, energie en water, zou volgens Van Bakel uiteindelijk moeten resulteren in een compleet nieuwe opleiding rond het thema Water.

Vraag en aanbod
Volgens Van Bakel is er geen ontkomen meer aan, water in combinatie met de thema’s milieu en energie is de toekomst. Er is druk van twee kanten: ‘Enerzijds kampen we in Nederland met een structureel tekort aan studenten techniek en aan de andere kant voelen MBO, HBO en WO instellingen de hete adem van bedrijven in hun nek voor nieuwe uitstroom met bèta techniek achtergrond. In het bijzonder is er enorm veel vraag naar waterspecialisten, maar het aanbod is minimaal. Hier ligt hier een opgave voor de HAN.’

Om de kloof tussen vraag en aanbod te dichten is samenwerking een vereiste. Samenwerking met regionale en ook interregionale bedrijven, overheden, maatschappelijke organisaties en andere onderwijsinstellingen. ‘Deze samenwerking moet echter worden aangescherpt. Naar mijn gevoel moet de HAN niet te lang meer wachten’, zegt Van Bakel. ‘Door organisaties als Netherlands Water Partnership en programma’s als Human Capital Water is vijf a zes jaar geleden fors geïnvesteerd om water op de kaart te zetten. Die inspanningen zullen over een jaar of drie/vier effecten sorteren. Hier kan de HAN op inspringen, maar dan zijn strategische keuzes die nu gemaakt worden belangrijk.

“Samenwerking zal zich zowel op de vraag als op het aanbod moeten richten. Enerzijds moeten we toekomstige studenten interesseren voor een opleiding rond water, door ze bekend te maken met wat de veelzijdigheid van werken met water kan inhouden. Anderzijds is afstemming met de samenleving en strategische partners noodzakelijk. De HAN moet zich continu afvragen waaraan behoefte is, zowel aan de instroom- als aan de uitstroomkant.”

Mulitidisciplinariteit
Volgens Van Bakel heeft de maatschappij in brede zin behoefte aan milieu-, energie- en waterspecialisten die tussen verschillende maatschappelijke disciplines kunnen opereren. Voor de HAN betekent dit aandacht voor multidisciplinaire samenwerking. Van Bakel: “In mijn aanbeveling in de rapportage rond het haalbaarheidsonderzoek naar de nieuwe HAN opleidingen Water en Vastgoed voor het instituut Built Environment van de facultiet Techniek van de HAN, werd duidelijk dat water als een verbindend thema functioneert. Naast Water in relatie tot milieu en energie ook water en politiek bijvoorbeeld of water en communicatie.”

“Mulitidisciplinariteit is inherent aan het thema water”, zegt Van Bakel. “Je kunt bijvoorbeeld niet zonder de maatschappelijke-, gedrags- of educatieve component bezig zijn met dit thema. Je kunt het ook niet los zien van technologische vraagstukken en niet van economische- of communicatievraagstukken. Water verbindt alle faculteiten met elkaar. Daarbij is de combinatie milieu, energie en water een soort natuurlijke symbiose; die thema’s kun je ook niet los van elkaar zien.”

In de lijn Milieu, Energie en Water komt dus veel bij elkaar. Volgens Van Bakel zou dit in de toekomst meer vorm moeten krijgen in het onderwijsaanbod van de HAN en de positionering hiervan. “Een goed voorbeeld is het sinds enige jaren lopende samenwerkingsinitiatief met Dr. Connell van East Carolina University: WEE CARE” (Water, Energy and Environement Collaboration in Advanced Research and Education). “WEE CARE brengt verschillende onderwijs- en onderzoeksinstellingen (in Europa, VS en China) via e-learning, webconferencing en WEB2.0 applicaties bij elkaar. Tijd- en plaatsonafhankelijk werken studenten en docenten in een digitale leer- en onderzoeksomgeving samen aan duurzaamheidsvraagstukken”.

Nu
Concreet moeten nu eerst studenten worden binnengehaald door middel van een sterke profilering. Van Bakel: “De lijn die nu gekozen is, zal langzaam worden uitbereid naar een, twee, drie thematische minoren. Daarbij zullen de faculteiten Economie en Management; Techniek; Gezondheid, Gedrag en Maatschappij en ook Educatie betrokken worden. Het betekent dat er extra faciliteiten en middelen voor samenwerkingsverbanden en initiatieven rond het thema Milieu, Energie en Water bij deze faculteiten komen.”

Of er in 2012 ook een nieuwe opleiding Water zal staan is nu nog een vraag, daar spelen andere strategische keuzes een bepalende rol bij. Aan Van Bakel zal het niet liggen, wat hem betreft levert de HAN in 2016 zijn eerste breed (milieu- en energie) georiënteerde waterexperts af.



Follow

Get every new post delivered to your Inbox.